Er zijn grofweg vier soorten veiligheidsrisico’s: menselijke, technische, organisatorische en fysieke risico’s. Samen bepalen ze hoe groot de kans is dat vertrouwelijke informatie uitlekt, systemen uitvallen of processen stagneren, bijvoorbeeld door fouten, misbruik, storingen of onvoldoende afspraken.
Voor notariskantoren draait dit in 2026 vaak om voorspelbaarheid en aantoonbare beheersing: dossiers moeten beschikbaar blijven, toegang moet kloppen en incidenten moeten beheersbaar zijn zonder dat IT de werkdag overneemt.
Hieronder lees je wat elk type risico betekent, welke voorbeelden erbij horen en hoe je ze praktisch herkent en beoordeelt.
Wat zijn de 4 soorten veiligheidsrisico’s en wat betekenen ze?
De vier soorten veiligheidsrisico’s zijn menselijke, technische, organisatorische en fysieke risico’s. Ze beschrijven elk een andere oorzaak van onveiligheid: gedrag en keuzes van mensen, kwetsbaarheden in IT, ontbrekende processen en afspraken, en risico’s rondom gebouwen en apparatuur. Samen vormen ze het complete plaatje van informatiebeveiliging.
Deze indeling helpt omdat je niet alleen naar techniek kijkt. Een digitale werkplek veilig inrichten lukt pas echt als rechten, apparaten, werkwijzen en verantwoordelijkheden op elkaar aansluiten. Zeker in een notariële omgeving, waar discretie, continuïteit en controle over toegang essentieel zijn.
- Menselijke risico’s: fouten, onhandigheid, misleiding of bewust misbruik door medewerkers of derden.
- Technische risico’s: kwetsbaarheden, misconfiguraties, verouderde software, onvoldoende beveiligde accounts of apparaten.
- Organisatorische risico’s: onduidelijke rollen, ontbrekende procedures, geen eigenaarschap, onvoldoende monitoring of incidentafhandeling.
- Fysieke risico’s: diefstal, verlies, onbevoegde toegang tot ruimtes, schade door brand of water, of onbeheerde papieren dossiers.
Welke voorbeelden horen bij elk type veiligheidsrisico?
Voorbeelden per type veiligheidsrisico maken snel duidelijk waar je in de praktijk op moet letten. Menselijke risico’s gaan vaak over dagelijkse handelingen, technische risico’s over instellingen en updates, organisatorische risico’s over afspraken en controle, en fysieke risico’s over toegang tot spullen en ruimtes. In notariskantoren komen ze vaak tegelijk voor in één werksituatie.
- Menselijk: een medewerker klikt op een overtuigende phishingmail, deelt per ongeluk een document met de verkeerde ontvanger, of gebruikt hetzelfde wachtwoord op meerdere plekken.
- Technisch: een laptop zonder schijfversleuteling, accounts zonder multifactor authenticatie, te ruime toegangsrechten, of een back-up die wel draait maar niet herstelbaar blijkt.
- Organisatorisch: geen vast proces voor het uitdiensttreden van medewerkers, geen periodieke controle op rechten, onduidelijke escalatie bij storingen, of geen vastgelegde afspraken over thuiswerken.
- Fysiek: een onbeheerde werkplek in een spreekkamer, een printer met vertrouwelijke afdrukken, een serverkast zonder slot, of een gestolen telefoon met ingelogde mail.
Let op dat één zwakke schakel vaak meerdere categorieën raakt. Thuiswerken zonder duidelijke afspraken is organisatorisch, maar leidt al snel tot technische en menselijke risico’s als apparaten en toegang niet strak zijn ingericht.
Hoe herken en beoordeel je veiligheidsrisico’s in de praktijk?
Je herkent en beoordeelt veiligheidsrisico’s door per proces te kijken naar kans, impact en detecteerbaarheid. Begin bij wat het kantoor dagelijks moet kunnen doen, zoals passeren, dossierbeheer en communicatie, en bepaal waar uitval of dataverlies het meest ontwrichtend is. Leg daarna vast welke maatregelen het risico verlagen en wie eigenaar is.
Een praktische aanpak werkt het best als je hem klein en herhaalbaar houdt. Denk in werkstromen in plaats van losse tools: wie moet wanneer bij welke dossiers kunnen, vanaf welke apparaten, en hoe toon je achteraf aan wat er is gebeurd.
- Maak een korte inventaris: welke systemen en data zijn kritisch, zoals notariële software, documentmanagement, e-mail en scans.
- Breng toegang in kaart: wie heeft welke rechten, inclusief externe partijen, gedeelde mailboxen en tijdelijke accounts.
- Check basisbeveiliging: multifactor authenticatie, patching, endpoint-beveiliging, versleuteling en logging.
- Test continuïteit: werkt back-up en herstel echt, en is er een plan voor een werkdag met verstoring.
- Beoordeel thuiswerken: veilige verbinding, apparaatbeheer, en duidelijke regels voor privéapparaten en opslag.
Een nuttige vuistregel is: als je niet snel kunt uitleggen wie verantwoordelijk is, wat de standaardinstelling is en hoe je controleert dat het zo blijft, dan zit er meestal een organisatorisch risico onder dat je eerst moet oplossen.
Hoe Mr Blocks helpt met het beperken van veiligheidsrisico’s?
Wij helpen notariskantoren veiligheidsrisico’s beperken door de digitale werkplek veilig in te richten als één samenhangend geheel: beheer, beveiliging, continuïteit en support sluiten op elkaar aan. Zo ontstaat rust en voorspelbaarheid, met duidelijke afspraken en praktische maatregelen die passen bij hoe mensen echt werken, op kantoor en thuis.
- Menselijke risico’s verkleinen met heldere werkafspraken, veilige standaardinstellingen en begeleiding bij veilig werken.
- Technische risico’s beheersen via centraal beheer, updates, sterke accountbeveiliging, apparaatbeveiliging en gecontroleerde toegangsrechten.
- Organisatorische risico’s structureren met vaste processen voor in en uitdienst, rechtenreviews, incidentafhandeling en duidelijke verantwoordelijkheden.
- Fysieke risico’s ondersteunen door beleid en inrichting rond apparaten, printen, mobiele toegang en veilige werkplekken.
Wil je toetsen waar jouw grootste risico’s zitten en welke stappen de meeste rust geven? Bekijk onze aanpak voor digitale werkplek, leer ons kennen via Mr Blocks of plan direct een kort gesprek via contact.
Veelgestelde vragen
Welke normen of richtlijnen zijn relevant voor notariskantoren in 2026 (bijv. ISO 27001 of NIS2)?
Kies één ‘kapstok’ om je maatregelen aan op te hangen: ISO 27001 (ISMS) is praktisch als je structureel wilt sturen op beleid, risico’s en audits. NIS2 kan (afhankelijk van je keten/leveranciers en omvang) indirect eisen stellen via klanten of partners. Begin klein: maak een scope (welke processen/systemen), leg minimaal beleid + risicoanalyse vast en plan kwartaalgewijs verbeteracties.
Hoe bepaal je welke risico’s je als eerste moet aanpakken?
Gebruik een simpele prioritering: (1) impact op passeren/dossierbeschikbaarheid, (2) kans op misbruik of uitval, (3) hoe snel je het merkt. Pak eerst ‘hoog impact + slecht detecteerbaar’ aan, zoals te ruime toegangsrechten, ontbrekende MFA, en back-ups die niet getest zijn. Zet per top-5 risico een eigenaar, maatregel en deadline.
Wat is een minimale set ‘must-haves’ voor basisbeveiliging op een notariële digitale werkplek?
Praktische ondergrens: MFA op alle accounts, apparaatbeheer (MDM) voor laptops/telefoons, schijfversleuteling, automatische updates/patching, endpoint security, least-privilege rechten, centrale logging, en een getest back-up/herstelproces. Leg daarnaast een standaard in voor thuiswerken (VPN/conditional access, geen privéopslag, schermvergrendeling).
Hoe richt je toegangsrechten in zonder dat het werk vertraagt?
Werk met rollen in plaats van losse uitzonderingen: definieer 5–10 standaardrollen (bijv. notaris, kandidaat-notaris, secretaresse, administratie, extern). Koppel rechten aan rollen en gebruik tijdelijke toegang voor uitzonderingen (met einddatum). Plan elk kwartaal een korte rechtenreview per team en automatiseer in-/uitdienst via één checklist.
Wat moet je doen bij een (vermoed) beveiligingsincident, zoals phishing of een kwijtgeraakte telefoon?
Hanteer een kort stappenplan: (1) isoleer (account blokkeren, apparaat wissen/locken), (2) bewijs veiligstellen (mail/headers, logbestanden), (3) impact bepalen (welke dossiers/data), (4) herstel (wachtwoorden reset, MFA herinschakelen, patches), (5) melden en vastleggen (intern, eventueel Autoriteit Persoonsgegevens bij datalek), (6) leerpunt: welke maatregel voorkomt herhaling. Zorg dat iedereen weet waar en hoe te melden.
Hoe maak je back-up en herstel ‘aantoonbaar’ betrouwbaar?
Niet alleen back-uppen, maar testen: voer maandelijks een hersteltest uit (één dossier, één mailbox, één werkplek) en leg de resultaten vast. Gebruik de 3-2-1-regel (3 kopieën, 2 media, 1 offline/immutable). Spreek RPO/RTO af: hoeveel data mag je verliezen en hoe snel moet je weer kunnen werken.
Welke afspraken zijn verstandig met IT-leveranciers en cloudpartijen om organisatorische risico’s te verkleinen?
Leg minimaal vast: verantwoordelijkheden (wie doet wat), responstijden, patchbeleid, logging/toegang door leveranciers, exit/overdraagbaarheid van data, en incidentmelding binnen vaste termijnen. Vraag om periodieke rapportage (updates, kwetsbaarheden, back-upstatus) en plan een halfjaarlijkse evaluatie met acties.


